Alexander Techniek: Bewegen met
aandacht.
Maar al te vaak vragen we ons af of onze lichaamshouding wel in orde is. Voor we er erg in
hebben proberen we onze bestaande houding te corrigeren. Echter, mocht er al een correcte
houding bestaan, dan zou die alleen maar stijfheid opleveren zodra we ons hierop
vastzetten. Waar het werkelijk om gaat is het heropstarten van het delicate proces waarbij
je aan je lichaam weer de kans geeft zichzelf in een subtiel evenwicht te hervinden.Ons
lichaam in balans.
We onderschatten het belang van het gewicht dat ons hoofd inneemt in relatie tot de rest
van ons lichaam. Stel je voor dat we onbewust de spieren van onze nek zouden verkorten en
zo ons hoofd naar achteren trekken terwijl we toch uit een stoel proberen op te staan, dat
zou een enorme impact hebben op onze manier van bewegen...
We zien ook dikwijls gebeuren dat men zichzelf uit balans brengt doordat men onbewust
het hoofd en de nek vóór de loodlijn van het lichaam naar voren laat vallen. Het lichaam
moet dan op een onnatuurlijke en vaak verkampte manier reageren om zichzelf nog in balans
te houden. Spierstelsels die op deze manier meer en meer spanningen opbouwen kunnen niet
meer 'loslaten' om een vrije beweging toe te laten. Wanneer we niet meer kunnen loslaten,
trekken we onszelf voortdurend naar beneden. Zonder het te beseffen brengen we zelfs de
hele dag extra belasting aan op onze gewrichten. Al dat extra werk kunnen we ons besparen
door ons bewust te worden van de gewoontepatronen die aan de basis liggen van onze
bewegingen.
Het is interessant om te onderzoeken of we met onze spieren niet onnodig de gewrichten
eerst op slot zetten, en dan vervolgens trachten hiermee te gaan bewegen. In de auto moet
ook eerst de handrem af alvorens te kunnen vertrekken. Wanneer het ons lukt om te
voorkomen dat we op een verkeerd moment specifieke spiergroepen aanspannen, ontstaat een
nieuw soort vanzelfsprekendheid in de beweging.
Toch kan er een probleem ontstaan als we onbewust zwaarte toevoegen aan ons loslaten,
wat wel eens verkeerd verstaan wordt als ontspanning. Omdat het lichaam zich toch overeind
wil houden, gaat het compenseren door in andere gebieden opnieuw verkeerde spanningen op
te bouwen. Daarom is het erg belangrijk om de oplossingen voor onze problemen eerst en
vooral te zoeken in het 'minder' doen. Als we leren ophouden onszelf in de natuurlijke
processen te verstoren, zullen we de juiste lichaamsreflexen als vanzelf weer kunnen laten
plaatsvinden. Zodra we ons lichaam weer in balans durven laten zijn, hoeven de spieren
geen onnodig teveel aan inspanningen meer te doen om ons in balans te houden. We hervinden
een nieuwe manier van opgericht zijn en kunnen weer vrijheid en lichtheid ervaren. Dus als
vanzelf, door minder te doen, worden we fitter.
Coördinatie.
Met onze bestaande coordinatie gaan we autorijden, wandelen, tanden poetsen, soep eten,
sport doen en achter de computer werken. De gewoontepatronen die aan de basis liggen van
onze coördinatie bepalen of de bewegingen die we maken schadelijk zijn voor onze
gezondheid, of juist een weldoend effect hebben. Een essentiele bevinding van F.M.
Alexander, de grondlegger van de alexandertechniek, was dat de natuurlijke balans in het
lichaam verstoord wordt doordat wij ons onnodig bemoeien met de relatie hoofd, nek en de
rest van het lichaam. Daarom richt de alexandertechniek zich in de eerste plaats op het
herstellen van deze subtiele relatie omdat van hieruit de stimulus naar andere onnodige
gewoontepatronen vertrekt. Bij jonge kinderen en dieren kunnen we meestal nog zien dat het
hoofd mooi in balans is, zij hebben ook een zekere lichtheid van bewegen.
Praktijk.
Bij de uitoefening van een sport of hobby, bij het bespelen van een muziekinstrument of
bij eender welke dagelijkse of beroepsactiviteit zal de alexandertechniek ons helpen om
onze bewegingen efficiënter uit te voeren. Dit is ook van belang bij het herstel na een
ziekte of ongeval.
Iemand die met de techniek begint, leert zich allereerst bewust te worden van bestaande
gewoontepatronen. De leerling leert waar te nemen wanneer hij iets doet wat hem uit balans
brengt, zodat hij dit minder vaak kan laten gebeuren en er een bewustzijn kan groeien over
een ander lichaamsgebruik. Het leren stoppen om teveel met het lichaam te doen is een
mentaal proces. Het is een stoppen met voortdurend je best doen, met het willen helpen of
belemmeren van de leraar, en met het vastzetten van delen van je lichaam. Het vraagt
aandacht en overgave van een leerling om zijn lichaam in vrijheid alleen te laten en om
bepaalde spanningen (aanspannen van nekspieren, schouders of billen, knieën op slot
zetten, adem inhouden) op te geven.
Wat men doet, voelt meestal wel goed omdat het nu één keer de gewoonte is. Het gaat
dan ook vaak om levenslange ingesleten gewoonten en het vraagt overgave en vertrouwen om
deze gewoonten te durven loslaten. Via een zeer subtiele aanraking, die eigen is aan de
techniek, zal de alexandertechniek leraar nieuwe ervaringen van bewegen meegeven. Er wordt
gewerkt vanuit een stoel, met bewegingen zoals gaan zitten en weer gaan staan, en
halfliggend op een tafel. Omdat nieuwe bewegingen vaak vreemd aanvoelen is begeleiding
noodzakelijk bij het herscholen van het gevoelszintuig. Het gaat in de lessen
alexandertechniek om een herscholen van het sensorisch bewustzijn, zodat nieuwe
waarnemingen steeds betrouwbaarder worden en het lichaam zich steeds delicater kan
afstemmen.
Bewegen met aandacht.
Door te leren voorkomen dat we automatisch in onze gewoonten vallen ontstaat er een moment
van stilte. Dankzij de keuzevrijheid die dan ontstaat, creëren we de ruimte waarbinnen we
nieuwe ervaringen kunnen laten plaatsvinden. We kunnen nu gericht onze aandacht sturen om
een nieuwe kwaliteit te geven aan onze bewegingen. Bewegen met aandacht, of misschien wel,
leven met aandacht?